Voortzetting Maastricht Centre for the Innovation of Classical Music

Zuyd Hogeschool, philharmonie zuidnederland en de Universiteit Maastricht zetten de komende vier jaar hun samenwerking in het Maastricht Centre for the Innovation of Classical Music (MCICM) voort. Tijdens een feestelijke bijeenkomst in het Theater aan het Vrijthof in Maastricht is op vrijdag 23 september de nieuwe samenwerkingsovereenkomst ondertekend door Stefan Rosu, intendant en bestuurder van philharmonie zuidnederland, Christine Neuhold, decaan van de Faculteit der Cultuur- en Maatschappijwetenschappen van de UM en Luc Verburgh, voorzitter van het College van Bestuur van Zuyd Hogeschool. 

In de afgelopen vier jaar hebben philharmonie zuidnederland, Zuyd Hogeschool en de Universiteit Maastricht al samengewerkt in het MCICM. Financieel ondersteund door de provincie Limburg, deden de partners onderzoek naar vernieuwingen in de klassieke muziekpraktijk. De drie partners hebben besloten om in de komende vier jaar de samenwerking voort te zetten. 

MCICM
Het MCICM is een initiatief van Stefan Rosu. Hij zocht in 2015 namens philharmonie zuidnederland samenwerking met Universiteit Maastricht en Zuyd Hogeschool om een centrum op te richten voor wetenschappelijk en praktijkgericht artistiek onderzoek dat kon worden ingebed in de drie deelnemende organisaties. Het MCICM ging op 1 september 2018 van start en is georganiseerd rond de bijzondere leerstoel Innovation of Classical Music, die sinds het begin wordt bezet door prof. dr. Peter Peters, tevens directeur van het centrum. Het doel van het centrum is middels onderzoek bij te dragen aan de vernieuwing van de beroepspraktijk en het hoger muziekonderwijs in de klassieke muziek.

Musici van de toekomst
In de komende jaren zal het MCICM zich richten op de spanning tussen traditie en innovatie in de beroepspraktijk van de klassieke muziek en het hoger muziekonderwijs. De centrale vraag is hoe beide sectoren elkaar kunnen versterken en van elkaar kunnen leren als het gaat om het vernieuwen en toekomstbestendig maken van de praktijk, in het bijzonder die van de symfonieorkesten. 

Peters: “In de klassieke muziekpraktijk richt men zich vaak op het verleden. Dit blijkt uit de aandacht voor de canon van muzikale meesterwerken, de nadruk op overgeleverde standaarden van artistieke excellentie en de dominantie van de meester-gezel didactiek in het hoger muziekonderwijs. Anderzijds is innovatie nodig omdat publieksaantallen voor concerten stagneren, maar ook om beter in te spelen op maatschappelijke veranderingen zoals digitalisering, het streven naar duurzaamheid en de roep om diversiteit en inclusie. Al deze ontwikkelingen hebben gevolgen voor zowel de opleiding en als de beroepspraktijk van musici.”

Relevantie
Stefan Rosu: “Binnen de philharmonie zuidnederland zijn wij al begonnen om het selectieproces van nieuwe musici aan de eisen van de toekomst aan te passen. De input van het MCICM is daarbij onmisbaar. Het MCICM zal ook de philharmonie zuidnederland ondersteunen om zich als relevante culturele organisatie toekomstbestendig te maken.”

Christine Neuhold, decaan van de Faculteit der Cultuur- en Maatschappijwetenschappen (UM): “Het onderzoek aan onze faculteit heeft een interdisciplinair karakter. Onderzoek naar innovatieve manieren om klassieke muziek relevant te maken voor hedendaags publiek is daarvan een voorbeeld. De wederzijdse interactie tussen wetenschappelijk en praktijkgericht onderzoek in samenwerking met Zuyd en philharmonie zuidnederland sluit aan bij onze wens om met partners in de regio samen te werken”

Mare de Groot, directeur Podiumkunsten (Zuyd Hogeschool), onderstreept het belang van het MCICM voor de vernieuwing van het onderwijsprogramma aan het Conservatorium Maastricht: “De wereld beweegt. Om daar als opleiding optimaal op te kunnen voorbereiden, is hervorming van het curriculum nodig. Hoe sluit ons praktijkonderwijs straks nog beter aan op een veranderende beroepspraktijk? ​De driehoek van praktijk, wetenschap en beroepsonderwijs maakt het mogelijk kennis te ontwikkelen die bijdraagt aan nog beter, nog relevanter muziekonderwijs.”

Eerder onderzoek
De resultaten uit het MCICM-onderzoek in de afgelopen vier jaar bieden een basis voor continuïteit, zegt Peters. “Het academische onderzoek richtte zich op het concept van het ‘muzikale werk’ en hoe dit de praktijk organiseert, de manier waarop muzikale werken worden doorgegeven in tradities van opleiding en uitvoering die als ‘archieven’ begrepen kunnen worden, en op de dominantie van het artistieke kwaliteitsbegrip in relatie tot andere ‘kwaliteitsrepertoires’. In het praktijk- en artistiek onderzoek werden experimenten in de orkestpraktijk opgezet en uitgevoerd, en werd een leermodel voor deze praktijk ontwikkeld. De uitkomsten van het onderzoek werden gedeeld in wetenschappelijke en professionele publicaties. Door internationale symposia en seminars kreeg het MCICM-onderzoek bredere zichtbaarheid en raakte het centrum verbonden met andere onderzoeksinstellingen en praktijkorganisaties.”

Stefan Rosu sluit af: “Het begint ermee kernvragen van de sector te formuleren. Het wereldwijd unieke van het MCICM is dat wij in een structurele samenwerking met de wetenschap naar antwoorden zoeken en met meerdere partijen de wetenschappelijk input meteen ook in de praktijk toepassen. De eerste vier jaren hebben al laten zien dat deze insteek succesvol is. Ik heb stevige verwachtingen voor de komende vier jaren en wil mijn orkest – de philharmonie zuidnederland – laten profiteren van de samenwerking.”

www.mcicm.nl

Fotobijschrift: Ondertekening van de nieuwe MCICM Consortium Overeenkomst door (v.l.n.r.) Stefan Rosu, intendant en bestuurder van philharmonie zuidnederland, Christine Neuhold, decaan van de Faculteit der Cultuur- en Maatschappijwetenschappen van de UM en Luc Verburgh, voorzitter van het College van Bestuur van Zuyd Hogeschool.